De Dorn methode vindt zijn oorsprong in Duitsland. Deze Methode is een behandeltechniek waarmee op een relatief zachte manier een scheefstand in bekken en wervelkolom wordt gecorrigeerd. Deze methode is ontwikkeld door Dieter Dorn († 19 januari 2011). In Duitsland is het al lang een wijdverbreide en bewezen behandelwijze. Het is bij uitstek geschikt voor mensen die niet “gekraakt” willen of kunnen worden.
Bij de Dorn methode proberen we een optimale ruimte in de wervelkolom te creëren zodat de spinale zenuwen ongestoord hun werk kunnen doen. Sommige zenuwopeningen tussen de wervels zijn niet al te groot. Door scheefstand van één of meerdere wervels worden de betreffende zenuwen beklemd en worden zij in hun functie belemmerd, wat weer klachten kan geven in de Segmentale zones (zie ook Segmentale massagetherapie). Een constante zeer lichte druk van een verschoven wervel, kan een spinale zenuw al irriteren. Het begin van rugklachten zit vaak in een beenlengteverschil.
Door een verschil in beenlengte wordt het bekken aan een kant omhoog geduwd, waardoor de onderste rugwervels onder druk komen te staan en pijnklachten gaan geven. Ook uitstraling in het been en knieklachten zijn hier vaak het gevolg van. Daarnaast zien we ook pijnklachten en scheefstand in de wervels tussen de schouderbladen en beperking in het naar links en rechts kijken.
Om dit beenlengteverschil op te heffen, maakt men bij reguliere therapievormen het kortere been langer (orthopedische hakverhoging). Door de Dorn methode toe te passen kan een beenlengteverschil bijna altijd worden verbeterd dan wel opgeheven.
De correcties die worden uitgevoerd gebeuren ALTIJD in beweging (dynamische correcties), waardoor het lichaam veel makkelijker de correcties accepteert.